Europäischer Rechnungshof - European Court of Auditors
Het EU-miljardenfonds voor coronaherstel is niet transparant genoeg
Persbericht
Luxemburg, 6 mei 2026
Het EU-miljardenfonds voor coronaherstel is niet transparant genoeg
- Het coronaherstelfonds van 577 miljard euro werkt met financiering die niet gekoppeld is aan kosten
- Onvoldoende informatie over de eindontvangers, de werkelijke kosten en de behaalde resultaten
- De lacunes qua transparantie en traceerbaarheid moeten worden gedicht in toekomstige EU-begrotingen
De Europese Rekenkamer (ERK) stelt in een nieuw verslag dat het EU-coronaherstelfonds (de herstel- en veerkrachtfaciliteit (RRF)) tekortkomingen vertoont wat betreft de traceerbaarheid en transparantie van de uitgaven. Er is te weinig informatie voor het publiek beschikbaar over de ontvangers van het geld, de werkelijke kosten van de maatregelen en de bereikte resultaten. De auditors brengen hun kritische bevindingen naar buiten op het moment dat de EU-wetgevers onderhandelen over de volgende zevenjarige begroting, die gebaseerd is op het RRF-uitgavenmodel van “financiering die niet gekoppeld is aan kosten”.
Traceerbaarheid en transparantie zijn cruciaal voor de bescherming van de EU-financiën, om zo de geldstroom te kunnen volgen van bron tot bestemming en om burgers openheid te geven over waar en waarvoor het geld wordt besteed. De RRF financiert hervormingen en investeringen die gebaseerd zijn op de verwezenlijking van vooraf vastgestelde mijlpalen en streefdoelen. Dit is de eerste keer dat de EU op zo’n grote schaal gebruikmaakt van financiering die niet gekoppeld is aan kosten.
“Burgers hebben minder vertrouwen in de overheidsfinanciën als het geld niet 100 % transparant wordt besteed,” said Ivana Maletić, het ERK-lid dat de controle leidde. “We hebben geen volledig beeld van de manier waarop RRF-middelen worden besteed. Burgers hebben het recht om te weten hoe overheidsmiddelen worden gebruikt, wie de middelen ontvangt, en wat er daadwerkelijk wordt uitgegeven. Deze lacunes in de transparantie van het RRF mogen niet doorwerken in de toekomstige EU-begrotingen.”
De auditors constateren dat, hoewel de fondsen tot op zekere hoogte traceerbaar en transparant zijn, het beeld onvolledig blijft. EU-landen voldoen over het algemeen aan de wettelijke vereisten op het gebied van traceerbaarheid en de meeste kunnen de RRF-betalingen van A tot Z traceren. Niet alle landen verzamelen de gegevens echter systematisch. In sommige gevallen wordt informatie enkel op aanvraag vrijgegeven, wat kan resulteren in maandenlange vertragingen. Dit betekent dat de informatie minder nuttig is voor verantwoording en analyse.
De Europese Commissie verzamelt geen gegevens over de werkelijke kosten voor individuele RRF-maatregelen, zelfs niet wanneer de lidstaten deze over gegevens beschikken. Dit gebrek aan informatie ondermijnt het vermogen van de Commissie om te beoordelen of de lidstaten de RRF-middelen efficiënt hebben gebruikt. Bovendien is op lidstaatniveau de informatie over de werkelijke kosten van RRF-maatregelen belangrijk om de kostenramingen te kunnen aanpassen en te verzekeren dat de financiering die elk land ontvangt dicht bij de werkelijke kosten blijft. Landen maken echter niet systematisch gebruik van gegevens over de werkelijke kosten om de geraamde kosten te actualiseren in geval van besparingen of overschrijdingen. Ondanks dat bij sommige maatregelen de kosten werden overschreden, bleek uit de steekproef van de auditors dat in een aantal landen de werkelijke kosten voor de meeste voltooide maatregelen lager waren dan verwacht. Als deze trend zich voortzet, is het mogelijk dat de totale RRF-financiering die een lidstaat ontvangt, niet redelijk dicht bij de werkelijke kosten ligt.
Op het gebied van transparantie publiceren de Commissie en de lidstaten informatie overeenkomstig de RRF-richtlijnen. Ook bieden zij voldoende transparantie wat betreft de verwezenlijking van mijlpalen en streefdoelen. Aangezien deze echter vaker gericht zijn op output dan op resultaten, is de informatie over de resultaten en de verwezenlijking van de algemene doelstellingen minimaal. De transparantieregels van de RRF voorzien bovendien niet in volledige openbaarmaking van de geldstroom. Ondanks dat alle lidstaten de vereiste lijst van hun honderd grootste eindontvangers publiceren, geeft deze lijst geen goed beeld van het algemene gebruik van het geld. Ten eerste zijn meer dan de helft van de ontvangers overheidsinstanties zoals ministeries, en zijn lidstaten niet verplicht om verdere betalingen die deze autoriteiten via overheidsopdrachten aan contractanten doen, te publiceren, wat betekent dat zij dit dan ook niet doen. Ten tweede had geen van de tien door de auditors gecontroleerde landen er meer dan honderd, het vereiste minimumaantal in hun lijsten gepubliceerd. De gepubliceerde informatie over wie uiteindelijk baat heeft bij de RRF en voor welk bedrag, is onvolledig.
Achtergrondinformatie
De RRF werd in februari 2021 opgericht als een eenmalig programma om de EU-landen te ondersteunen bij het herstel van de coronapandemie en bij de opbouw van veerkrachtige economieën. De Commissie voert deze faciliteit onder direct beheer uit en draagt de eindverantwoordelijkheid. De RRF had een maximale totale waarde van 723,8 miljard euro, waarvan de Commissie eind januari 2026 voor alle 27 lidstaten 577 miljard euro (360 miljard euro aan subsidies en 217 miljard euro aan leningen) heeft vastgelegd. De RFF-financiert maatregelen op gebieden als de groene en de digitale transitie en loopt af in augustus 2026. Wel kunnen betalingen aan de lidstaten tot eind 2026 worden verricht.
Transparante verslaglegging, ook over de werkelijke kosten, bevordert de besluitvorming en de verantwoordingsplicht. Het Europees Parlement, de Europese Ombudsman en de OESO hebben al specifieke kwesties in verband met de transparantie en verantwoordingsplicht van de RRF aan de orde gesteld. De Europese Rekenkamer heeft een aantal controleverslagen over de RRF gepubliceerd, waaronder een analyse uit 2025 over de te leren lessen. Al deze publicaties kunt u hier vinden. In deze controle onderzochten de auditors een steekproef van tien lidstaten. Oostenrijk, Bulgarije, Estland, Frankrijk, Duitsland, Letland, Malta, Nederland, Roemenië en Spanje.
Speciaal verslag 14/2026, “Traceerbaarheid en transparantie van de RRF-middelen: lacunes blijven bestaan” is beschikbaar op de website van de ERK, samen met een één pagina lang overzicht van de belangrijkste feiten en bevindingen.
Contact:
ECA press office: press@eca.europa.eu